Volgens Mahinderbestaat daar geen twijfel over: Chan Santokhi zou de beste president zijn geweest die Suriname ooit heeft gekend. Een stevige uitspraak, die vooral binnen VHP-kringen regelmatig wordt herhaald. Maar klopt die bewering wel als we kijken naar de feiten én de ervaringen van de bevolking?
Het perspectief van Jogi
Mahinder Jogi prijst Santokhi vooral om diens bestuurlijke discipline, internationale geloofwaardigheid en focus op hervormingen. Volgens hem erfde Santokhi een land aan de rand van faillissement: lege staatskassen, torenhoge schulden en een beschadigde reputatie bij internationale financiële instellingen. Dat Santokhi het aandurfde harde maatregelen te nemen, ziet Jogi als bewijs van leiderschap.
Vanuit dat perspectief is de lof begrijpelijk. De regering-Santokhi zette inderdaad stappen richting begrotingsdiscipline, schuldherstructurering en herstel van relaties met het buitenland. In diplomatieke kringen werd Suriname weer serieuzer genomen dan in de jaren daarvoor.
De andere kant van het verhaal
Toch wringt hier iets. “De beste president ooit” impliceert niet alleen goed beleid op papier, maar ook merkbare verbetering in het dagelijks leven van burgers. En juist daar ligt de grootste kritiek. Voor veel Surinamers betekende de Santokhi-periode vooral koopkrachtverlies, stijgende prijzen en toenemende onzekerheid. Hervormingen waren misschien noodzakelijk, maar de sociale opvang werd door velen als onvoldoende ervaren.
Bovendien kampte zijn regering met interne spanningen, trage besluitvorming en een communicatieprobleem richting de samenleving. Het gevoel dat offers ongelijk verdeeld waren, ondermijnde het draagvlak. Voor een groot deel van de bevolking voelde het alsof de pijn direct was, terwijl de beloofde voordelen vaag en toekomstgericht bleven.
Vergelijking met eerdere presidenten
De vraag of Santokhi “de beste” was, hangt ook af van het referentiekader. Andere presidenten hebben op hun eigen manier stabiliteit, sociale rust of economische groei gebracht—zij het vaak tijdelijk of tegen een hoge prijs. Santokhi onderscheidde zich vooral door orde en structuur, niet door zichtbare welvaart of nationale euforie.
Conclusie
De uitspraak van Mahinder Jogi is dus begrijpelijk vanuit partijloyaliteit en beleidsmatige waardering, maar moeilijk houdbaar als objectieve waarheid. Chan Santokhi kan worden gezien als een noodzakelijke hervormer in een moeilijke periode, maar dat maakt hem niet automatisch de beste president die Suriname ooit heeft gekend.
Misschien is een eerlijkere conclusie deze: Santokhi was een president die deed wat hij nodig achtte voor de toekomst van het land—maar of het volk hem daarvoor ooit massaal zal belonen, blijft zeer de vraag.
