In 2025 zijn in Suriname 192 baby’s doodgeboren of binnen vier weken na de geboorte in een ziekenhuis overleden. Deze cijfers zijn exclusief het Diakonessenhuis, dat geen gegevens heeft aangeleverd. De cijfers hebben geleid tot maatschappelijke onrust en zorgen over de kwaliteit en toegankelijkheid van de geboortezorg. Tegelijkertijd benadrukken medische experts dat de cijfers zorgvuldig geïnterpreteerd moeten worden en altijd in verhouding tot het totaal aantal bevallingen bekeken moeten worden.
Volgens Soenita Nannan Panday, medisch directeur van ’s Lands Hospitaal, is het belangrijk om de cijfers niet los te zien van de context. Voor dit ziekenhuis geldt dat per duizend bevallingen negentien baby’s doodgeboren zijn of kort na de geboorte zijn overleden. Dat cijfer lijkt hoog, maar zegt op zichzelf nog niet alles over de kwaliteit van de zorg.
Wat betekenen deze cijfers?
Babysterftecijfers worden internationaal vaak uitgedrukt per duizend bevallingen, juist om ziekenhuizen en landen eerlijk met elkaar te kunnen vergelijken. Het absolute aantal van 192 overlijdens klinkt alarmerend, maar zonder inzicht in het totaal aantal geboortes, de gezondheid van de moeders, en de complexiteit van de zwangerschappen, kan er geen volledig oordeel worden geveld.
’s Lands Hospitaal is een van de belangrijkste publieke ziekenhuizen van het land en vangt relatief veel hoogrisicozwangerschappen op. Denk hierbij aan zwangere vrouwen met onderliggende aandoeningen zoals hoge bloeddruk, diabetes, infecties, of vrouwen die laat in de zwangerschap medische hulp zoeken. Dit heeft een directe invloed op de statistieken.
Structurele uitdagingen in de geboortezorg
Deskundigen wijzen erop dat babysterfte vaak niet door één oorzaak wordt bepaald. Factoren zoals beperkte prenatale zorg, late doorverwijzingen, tekorten aan gespecialiseerd personeel, en beperkte medische middelen spelen een belangrijke rol. Ook sociale omstandigheden, zoals armoede, voeding en toegang tot tijdige gezondheidszorg, hebben invloed op de uitkomst van zwangerschappen.
Daarnaast is het ontbreken van gegevens van het Diakonessenhuis een belangrijk aandachtspunt. Zonder volledige landelijke cijfers ontstaat er een onvolledig beeld, wat beleidsvorming en gerichte verbeteringen bemoeilijkt.
Oproep tot betere registratie en preventie
De huidige cijfers onderstrepen de noodzaak van betere dataverzameling, transparantie en samenwerking tussen zorginstellingen. Alleen met volledige en betrouwbare cijfers kan worden vastgesteld waar knelpunten liggen en welke interventies het meest effectief zijn.
Preventie speelt hierbij een sleutelrol. Investeringen in vroege zwangerschapsbegeleiding, betere voorlichting aan aanstaande moeders en versterking van de eerstelijnszorg kunnen bijdragen aan het terugdringen van babysterfte. Ook het versterken van neonatale zorg en het tijdig herkennen van complicaties zijn cruciaal.
Meer dan cijfers alleen
Hoewel statistieken belangrijk zijn voor beleid en evaluatie, vertegenwoordigt elk getal een menselijk verlies: een kind dat niet de kans kreeg om te leven en een gezin dat achterblijft met verdriet. Dat besef maakt het des te belangrijker om het onderwerp met zorg, nuance en verantwoordelijkheid te benaderen.
De discussie over babysterfte in 2025 moet daarom niet alleen gaan over aantallen, maar vooral over verbetering van zorg, preventie en samenwerking, zodat toekomstige cijfers niet alleen beter begrepen worden — maar ook daadwerkelijk lager uitvallen.
